Direct naar (in deze pagina): Hoofdnavigatie, Zoeken, English, Polski.
Huidig dossier: Levensloopregeling Direct naar (in de site): Arbeidsvoorwaarden Verlof en werktijd
Met de levensloopregeling kunnen werknemers een deel van hun brutosalaris sparen. Dit spaargeld kan worden gebruikt voor een periode van onbetaald verlof.
Met de levensloopregeling sparen uw werknemers een deel van hun brutosalaris. Dit spaargeld kunnen zij opnemen als zij later een tijd met onbetaald verlof willen gaan. De levensloopregeling kan worden gebruikt voor elke vorm van onbetaald verlof, zoals:
- langdurend zorgverlof
- sabbatical
- ouderschapsverlof
- verlof voor het volgen van een opleiding of cursus
- verlof voor het pensioen
Het spaargeld uit de levensloopregeling kan worden gebruikt om de periode van onbetaald verlof te financieren.
Levenslooprekening
Als een werknemer meedoet met de levensloopregeling wordt van zijn brutoloon een bedrag ingehouden. Dit geld wordt gestort op een speciale spaarrekening die op zijn naam staat. Ook kan hij een rekening onderbrengen bij een instelling, een zogenaamde levenslooprekening. Dit kan bij een verzekeraar, bank, dochter van een pensioenfonds, pensioenuitvoeringsbedrijf of beheerder van een beleggingsinstelling.
Bijdrage werkgever
U kunt bijdragen aan de levensloopregeling van uw werknemer. Dit is niet verplicht.
Gespaarde tijd
In overleg met u kan een werknemer ook gespaarde tijd omzetten in geld. Het gaat dan bijvoorbeeld om extra vakantiedagen, overwerkuren en adv-dagen. Het bedrag wordt op zijn levenslooprekening gestort. Wettelijke vakantiedagen kunnen niet worden omgezet in geld.
Maximaal
Per jaar kan een werknemer maximaal 12% van zijn brutoloon sparen. In totaal mag hij maximaal 210% van zijn bruto jaarloon sparen.
Rekenvoorbeelden
Belasting- en premieheffing
Een werknemer spaart belastingvrij. Pas als hij geld opneemt, betaalt hij loonbelasting en de inkomensafhankelijke bijdrage voor zijn zorgverzekering. Over de inleg op de levensloopregeling worden wel de premies voor de werknemersverzekeringen ingehouden. Hierdoor heeft de levensloopregeling geen gevolgen voor een eventuele WW-uitkering of arbeidsongeschiktheidsuitkering.
Als uw werknemers willen deelnemen aan de levensloopregeling, kunt u dit niet weigeren.
Als uw werknemer onbetaald verlof wil opnemen, heeft hij daarvoor uw toestemming nodig. Uw werknemer zal dus in overleg met u moeten bepalen wanneer hij het verlof opneemt. Dat geldt niet als uw werknemer het levenslooptegoed gebruikt voor ouderschapsverlof. Dit mag u niet weigeren. Voor langdurend zorgverlof geldt dat u dit alleen kan weigeren als het verlof het bedrijf of de organisatie in ernstige problemen brengt. U moet hiervoor goede argumenten hebben.
Als u nog geen verlofbeleid hebt, kunt u dat opstellen in het kader van de levensloopregeling. Dat kan collectief of binnen uw eigen bedrijf. Bij een verlofbeleid kunt u denken aan:
Instemmen ondernemingsraad met spaardeel
Vaak wordt een verlofbeleid op cao-niveau vastgesteld. Als dat niet zo is, of als er in de cao ruimte open blijft voor afspraken tussen u en uw werknemers, dan moet de ondernemingsraad instemmen met het spaardeel van het levensloopbeleid. Formeel heeft de ondernemingsraad geen instemmingsrecht op het verlofdeel van het levensloopbeleid. De personeelsvertegenwoordiging heeft op geen van beide delen instemmingsrecht.
Toch is het verstandig om uw voorgenomen levensloopbeleid met de ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging te bespreken, zodat u meer draagvlak krijgt voor uw beleid.
Meer informatie over medezeggenschap.
Een werknemer kan elk jaar kiezen aan welke regeling hij wil deelnemen: de spaarloonregeling of de levensloopregeling. Hij kan niet tegelijkertijd aan beide regelingen deelnemen. Wel kan in één jaar uit beide regelingen geld worden opgenomen.
Bij de spaarloonregeling wordt niet voor een bepaald doel gespaard. Het spaargeld kan dus overal voor worden gebruikt. Spaargeld uit de levensloopregeling moet worden gebruikt voor een periode van onbetaald verlof.
In levensloopregeling kan meer worden gespaard dan bij de spaarloonregeling.
Een werknemer mag elk jaar wisselen van regeling.
U bent niet verplicht een financiële bijdrage te leveren aan de levensloopregeling. U kunt dit wel doen. Hieraan zijn twee voorwaarden verbonden.
Voorwaarden bijdrage levensloopregeling
Als u meebetaalt aan de levensloopregeling moet u voor de Belastingdienst aan twee eisen voldoen:
- u mag geen voorwaarden stellen aan het moment van opname van het verlof door een werknemer
- u moet de bijdrage ook betalen aan werknemers die niet meedoen met de levensloopregeling
Als uw bijdrage niet aan deze twee eisen voldoet, wordt het bedrag niet als levensloopbijdrage beschouwd. De fiscale faciliteiten van de levensloopregeling gelden dan dus niet.
U kunt met uw werknemers een collectief contract sluiten over een levensloopproduct met een financiële dienstverlener (bank, verzekeraar of dochteronderneming van een pensioenfonds).
Deelname aan dit collectieve contract mag niet verplicht worden gesteld. Uw werknemer mag dus ook voor een andere aanbieder kiezen.
Als uw werknemer deelneemt aan de levensloopregeling heeft dit een aantal gevolgen voor uw administratie
Deel loon op levensloopregeling
Op verzoek van uw werknemer stort u een deel van zijn brutoloon op de levenslooprekening of de levenslooprekening. U betaalt over deze storting geen loonheffing: loonbelasting, premie volksverzekeringen en de inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet. Wel bent u de gebruikelijke premies voor werknemersverzekeringen verschuldigd.
Opname tegoed door werknemer
Als een werknemer geld wil opnemen van de levenslooprekening, geeft hij dit aan bij de instelling die zijn gespaarde geld beheert, bijvoorbeeld zijn bank. Deze financiële instelling keert het tegoed aan u uit. U houdt hierop loonheffing in en betaalt het netto tegoed uit aan de werknemer.
Verklaring
U vraagt van uw werknemer die in de levensloopregeling spaart, een schriftelijke verklaring dat hij in datzelfde jaar niet ook in de spaarloonregeling spaart.
Hebt u naar aanleiding van deze informatie nog vragen, dan kunt u gratis bellen met de Postbus 51 infolijn, tel. 0800-8051, of raadpleeg www.rijksoverheid.nl