Direct naar (in deze pagina): Hoofdnavigatie, Zoeken, English, Polski.

Logo SZW – Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Huidig dossier: Minimumloon Direct naar (in de site): Arbeidsvoorwaarden Loon en (pre)pensioen

Minimumloon: informatie voor werkgevers

naar bovenHoe hoog is het wettelijk minimumloon?

Iedere werknemer tussen de 23 en 65 jaar oud moet tenminste het wettelijk minimumloon en vakantiebijslag krijgen. Dat staat in de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag. De bedragen van het minimumloon worden ieder half jaar (in januari en juli) aangepast aan de gemiddelde ontwikkeling van de cao-lonen in Nederland.

Minimumjeugdloon
Voor jongeren tussen de 15 en 23 jaar geldt het minimumjeugdloon. Bij de hoogte van het minimumjeugdloon wordt gekeken hoe oud iemand is. Dat betekent dat een jongere tot z’n 23ste na iedere verjaardag recht heeft op meer loon.

Flexwerkers
Ook flexwerkers hebben recht op het wettelijk minimumloon. Flexwerkers zijn bijvoorbeeld thuiswerkers of oproepkrachten.

De bedragen vindt u hier.

naar bovenHoe is het minimum(jeugd)loon opgebouwd?


Het wettelijk minimum(jeugd)loon gaat uit van het bruto loon bij een normale arbeidsduur, dus zonder overwerk. Dit loon wordt aan de werknemer uitbetaald over de afgesproken betalingstermijn: per week of per maand.

Dat bruto loon kan uit verschillende uit geld bestaande elementen zijn opgebouwd:

  • contractueel overeengekomen (basis)loon
  • toeslagen voor bijvoorbeeld prestatie, ploegendienst, onregelmatige werktijden, wachtdienst, werkomstandigheden
  • vaste beloningen voor de omzet die de werknemer maakt en die elke betalingstermijn worden uitgekeerd
  • beloningen van derden die uit het werk voortvloeien, bijvoorbeeld fooien, en waarover een regeling is getroffen tussen werkgever en werknemer

Het totaal van deze bedragen mag dus niet minder zijn dan het minimumloon.
Aan de andere kant tellen sommige inkomsten in geld niet mee bij de bepaling van het minimum(jeugd)loon:

  • geld verdiend met overwerk
  • vakantiebijslag
  • winstuitkeringen
  • speciale uitkeringen, bijvoorbeeld een incidentele uitkering voor een behaalde omzet
  • uitkeringen op termijn die onder bepaalde voorwaarden worden toegekend (bijvoorbeeld pensioen en spaarregelingen waaraan de werkgever bijdraagt)
  • vergoedingen voor kosten die de werknemer voor zijn werk heeft moeten maken
  • eindejaarsuitkeringen
  • werkgeversbijdrage in ziektekosten

naar bovenBetaalt u wel voldoende?


Betaalt u een werknemer minder dan het minimumloon, dan overtreedt u de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag.
Uit onderzoek van de Arbeidsinspectie blijkt dat onderbetaling regelmatig voorkomt bij kleine bedrijven, met minder dan tien werknemers. Ook blijkt uit het onderzoek dat het bruto loon voor directieleden, meewerkende partners en kinderen dikwijls te laag wordt vastgesteld.

Een werknemer heeft vijf jaar de tijd om te eisen dat u het achterstallige loon alsnog betaalt. Deze termijn geldt ook voor het opeisen van achterstallige vakantiebijslag. De onderbetaalde werknemer kan hierover een rechtzaak tegen u beginnen. Hij kan ook een klacht indienen bij de Arbeidsinspectie.

Let op
Werkgevers die werknemers minder uitbetalen dan het wettelijke minimumloon, krijgen daarvoor direct een boete van de Arbeidsinspectie. De hoogte van de boete hangt af van de mate van ontduiking en bedraagt maximaal 6700 euro per werknemer. Ook kan de Arbeidsinspectie deze werkgevers een dwangsom opleggen om ze te verplichten alsnog het minimumloon uit te betalen. Hierover kunt u meer lezen op de website van de Arbeidsinspectie.

naar bovenWat moet er op het loonstrookje staan?


U bent verplicht om uw werknemers een loonstrookje te geven. Hierop moeten de volgende gegevens te vinden zijn:

  • het brutoloonbedrag
  • uit welke bedragen dit loon bestaat, bijvoorbeeld het basisloon en prestatietoeslagen
  • de inhoudingen van belasting en premies door de werkgever
  • het wettelijk minimum(jeugd)loon en de minimumvakantiebijslag die voor de werknemer gelden.
  • de naam van de werkgever en de naam van de werknemer
  • de periode waarop de betaling betrekking heeft (bijvoorbeeld de maand juni)
  • het aantal uren dat de werknemer volgens afspraak moet werken

naar bovenOp hoeveel vakantiedagen heeft uw werknemer recht?


Uw werknemer heeft recht op vakantie. Hij of zij heeft recht op vier keer het aantal dagen dat hij of zij in een week werkt. Als uw werknemer vijf dagen in een week werkt, heeft hij of zij dus recht op twintig vakantiedagen (4x5=20).

Vakantiegeld
Uw werknemer krijgt de vakantiedagen doorbetaald.

Korter dan een jaar in dienst
Een werknemer bouwt in een jaar vakantiedagen op. Als een werknemer nog geen jaar werkt, worden zijn of haar vakantiedagen naar evenredigheid berekend.

Jongeren met gedeeltelijke leerplicht
Jongeren die vanwege de leerplicht twee dagen naar school gaan hebben, naast de onderwijsvakantie, recht op minimaal twaalf dagen vakantie.

naar bovenHoe hoog is de vakantiebijslag?


U betaalt uw werknemers loon door tijdens hun vakantie (vakantiegeld). Daarnaast hebben uw werknemers recht op vakantiebijslag. Dat is 8% van hun bruto jaarloon, tenzij daar andere afspraken over zijn gemaakt, bijvoorbeeld in de cao.

Let op
Werknemers van 65 jaar en ouder hebben geen recht op minimumloon, maar wel op de minimumvakantiebijslag.

Is uw werknemer ziek, dan heeft hij nog steeds recht op de minimumvakantiebijslag.

Ook als werknemers tijdelijk een WW-uitkering krijgen, hebben ze recht op vakantiebijslag, als het dienstverband tenminste niet is verbroken. Zo’n situatie kan zich voordoen als u een vergunning hebt om de werktijd tijdelijk te verkorten.

Wanneer uitbetalen
U moet de vakantiebijslag ten minste eenmaal per jaar uitkeren. In principe is dat eind mei of begin juni. Als er andere afspraken zijn gemaakt in de cao of arbeidsovereenkomst, of als het om uitzendwerk of vakantiewerk gaat, kunt u de vakantiebijslag bijvoorbeeld ook per maand uitbetalen. U moet de hoogte van de vakantiebijslag vermelden bij de uitbetaling.

Meer over vakantierechten
Meer over werktijdverkorting

naar bovenMeer informatie

Hebt u naar aanleiding van deze informatie nog vragen, dan kunt u gratis bellen met de Postbus 51 infolijn, telefoon: 0800-8051, of raadpleeg www.rijksoverheid.nl