Direct naar (in deze pagina): Hoofdnavigatie, Zoeken, English, Polski.
Huidig dossier: Schulden Direct naar (in de site): Overig
Op 21 januari 2010 is het wetsvoorstel aan de Tweede Kamer aangeboden.
Na een verzoek voor schuldhulp hebben gemeenten maximaal vier weken de tijd om tot actie over te gaan. Een uitzondering daarop vormen de zogeheten bedreigende schulden, die bijvoorbeeld betrekking hebben op de levering van energie, water of de huur van een woning. Hiervoor wordt een maximale wachttijd van drie dagen in de wet opgenomen.
Bij een positief besluit op het verzoek tot hulp bij schulden moet dit uiteindelijk leiden tot een individueel plan waarbij niet alleen aandacht is voor het oplossen van het schuldenprobleem, maar ook voor de omstandigheden waaronder die schulden zijn ontstaan.
De gemeenteraad krijgt de wettelijke taak om toe te zien op de kwaliteit van de schuldhulpverlening. De plannen voor een integrale aanpak van de schuldhulp worden per gemeente voor een periode van maximaal vier jaar opgesteld. Vervolgens moet het college van burgemeester en wethouders jaarlijks verantwoording afleggen aan de gemeenteraad over de uitvoering van de schuldhulpverlening in de gemeente.
De wet moet een einde maken aan te lange wachttijden.
Daarnaast wil het kabinet met het wettelijke kader een ‘bodem’ leggen in de schuldhulpverlening, die nu in kwaliteit en effectiviteit nog sterk van gemeente tot gemeente verschilt. Het kabinet verwacht dat er van het vaste overleg tussen de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders een belangrijke impuls uitgaat om de effectiviteit van de schuldhulp te verbeteren.
Een belangrijk uitgangspunt van de wet is dat de hulpverlening een integraal karakter heeft waarbij niet alleen aandacht uitgaat naar het oplossen van het schuldenprobleem, maar ook naar de omstandigheden waaronder die schulden zijn ontstaan.
Pas na behandeling en akkoord van zowel de Tweede als de Eerste Kamer kan de wet in werking treden.